Tulum


Tulum werd oorspronkelijk Tzama genoemd wat ‘plaats van de schemering’ betekent. De stad werd gesticht rond 1200 n. Chr. En is een typisch voorbeeld van de Post-Klassieke architectuur. Deze periode wordt vaak beschreven als een periode van verval en een flauwe afspiegeling van de vroegere grootsheid. Dit komt omdat er in het zuidelijk laagland geen gebeeldhouwde stenen monumenten of monumentale bouwwerken uit deze periode bewaard zijn gebleven en veel steden verlaten waren.

Het begin van de Postklassieke periode wordt weliswaar gekenmerkt door een sociale omwenteling, maar toch bleef de Maya-cultuur in ontwikkeling. Tulum is hét voorbeeld van de New Economy waarover te lezen valt in het boek Terugblik op een Wereldtijdperk.

In het laagland waren vele kustplaatsen, die vermoedelijk allemaal belangrijke handelscentra waren, zoals Tulum ten tijde van de Spaanse veroveringen. Regionale producten werden hier geruild tegen grondstoffen uit het binnenland en goederen uit de langeafstandshandel. De handel hierin werd bedreven met grote, zeewaardige handelskano’s zoals Columbus die zou tegenkomen in 1502.

Hoogst waarschijnlijk leefden de boeren buiten de massieve muur en mocht alleen de elite zich binnen in de stad vestigen. Dankzij de handel groeide deze stad uit tot een van de belangrijkste havensteden van het Maya-rijk. Er werd gehandeld in jade, veren, honing en cacao.

De stad werd aan één zijde beschermd door een 13 meter hoge klif en aan drie zijden beschermd door dikke muren waar slechts 5 nauwe ingangen in open werden gelaten. Door zo’n ingang kon slechts één persoon tegelijk en gehurkt naar binnen. Hierdoor werd een bestorming van de stad moeilijker gemaakt. 50 jaar na de komst van de Spanjaarden werd deze stad vermoedelijk toch bestormd door de opstandige boeren die buiten de muren leefden. Het lijkt erop dat de Spanjaarden niets met de ondergang van de stad te maken hebben gehad.

Na zijn ondergang is de stad een tijd lang in gebruik geweest door piraten, die hier naar uitweken om de Spaanse schepen te ontwijken en als vesting te gebruiken. De stad werd hierna echter vergeten en werd pas herontdekt in 1843 door John Lloyd Stephens en Frederick Catherwood. Het schijnt dat de architectuur van Tulum de beroemde architect Frank Lloyd Wright heeft geïnspireerd.


Bouwwerken in Tulum:

Door op de links te klikken kunt u een afbeelding van het bouwwerk bekijken.

A. De Vestingmuur

De vestingmuur is van noord tot zuid 450 meter en van oost naar west 150 meter lang. De muur is van 5 tot 6,5 meter hoog. Bij de ingang van het noordoosten ligt een sacbe, die leiden naar Xelha dat 6 mijl verderop ligt. Van hieruit leiden er wegen naar Coba en Chichén Itzá. Op iedere hoek bevindt zich een wachtershuisje. Op de foto zijn restanten van de westelijke vestingmuur te zien.

B. Markt

Een grote open plein dat langs de hoofdweg ligt.

C. Groot paleis

Naast de tempel van de fresco’s.

D. Tempel van de fresco’s

Direct gelegen vóór El Castillo. Wat duidelijk aan dit gebouw te zien is, is de traditie om na een cyclus van 52 jaar een nieuw bouwwerk boven het oudere te plaatsen. Er zijn hier groen/grijze en blauwe schilderingen te zien met een zwarte achtergrond. Hierop worden Ixchel en Chac afgebeeld in rode kleuren. Deze schilderingen dateren uit de 13de eeuw en doen sterk denken aan de codex stijl van Mexicaanse culturen.

E. El Castillo

Het opvallendste gebouw van Tulum. Het heeft vroeger gediend als een vuurtoren. Als er fakkels op de planken achter de twee ramen plaatste. Op zee waren deze stralen tegelijkertijd te zien en de stralen wezen zo de weg naar de opening in het rif.

F. Hoofdweg

Deze loopt van noord naar zuid langs het grote paleis en de markt.

G. Tempel 54

Deze tempel is te vinden bij de zuidelijke muur. Ondanks het ontoegankelijke terrein geloofde Stephens dat deze tempel nog steeds in gebruik was.

H. Tempel 45

Ten noorden van El Castillo, dicht bij de kliffen, bevind zich tempel 45. Hier werden mensen geofferd aan Ixchel.

I. Huis van de Cenote

Deze tempel, die boven een grot is gebouwd, is gebouwd in twee fasen.. Het originele gebouw had twee kamers. Later werd er een kamer bijgebouwd waar een grot met treden in te vinden is die leid naar een cenote die bijna op zeeniveau ligt. De grot zit vol vleermuizen waardoor het water jammer genoeg vervuild is. (foto door Pascal van der Bend)

J. Tempel van de Neerdalende God

Direct links van El Castillo. De fundering is van een ouder gebouw. Het gebouw heeft één trap die eindigt in een kamer met een raam die uitzicht heeft op zee. Aan beide kanten zijn twee ceremoniële bankjes. De blauwe muren representeren de nachtelijke hemel met Venus en andere sterren samen met mythische slangen.

Dit gebouw is het meest beroemd om de afbeelding boven de ingang van de tempel. Hier is Ab Muzen Cab afgebeeld, de bijengod. Honing was een belangrijk voedingsmiddel aangezien er geen andere zoetstoffen waren.